PARENTEEL VAN JACOB BROUWER
Samengesteld door Ted Brouwer, Brentwood Bay, BC, Canada [nr. XIII-bi]


Vijfde Generatie
V-a.
Arie Pietersz BROUWER,
Zoon van Pieter Ariensz Brouwer en Marritje Leenderts van Wijngaarden [nr. IV-c], geboren ca. 1655, mogelijk aan de Boterdijk onder Uithoorn, gedoopt te Mijdrecht in de Doopsgezinde kerk op 19 april 1676, van beroep veeboer, overleden te Uithoorn in zijn boerderij aan de Boterdijk in juni 1721, oud ca. 66 jaar.
Gehuwd (1) te Mijdrecht voor 1684 met Neeltje Dircks MAN, geboren te Thamen ca. 1660, overleden te Uithoorn tussen 1684 en 1697, dochter van Dirck Ariensz Man en Geertje Jacobs.
Gehuwd (2) mogelijk te Mijdrecht/Menonietenbuurt ca. 1695 met Grietje Jans COCK, geboren ca. 1675, overleden te Uithoorn tussen 1716 en 1721.

DOOPBOEK, Mijdrecht, Doopsgezinde kerk, 19 april 1676:
Arij Pietersz Brouwer, gedoopt door Van Dijl.

NOTARISAKTE (Marte de With), Uithoorn, 5 februari 1684:
Deze akte betreft de uitvoering van de boedelscheiding van de nalatenschap van de ouders van Neeltje Dirks Man.
Arij Pietersz Brouwer wordt daarbij vermeld als haar echtgenoot.

DOOPGETUIGE (Arie): Te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 2 januari 1684 van Niesjen, dochter van Pieter Jacobs Kats en Aeltje Pieters (mede getuige Geertje Cornelis).
Te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 6 april 1687 van Niesje, dochter van Pieter Jacobsz Kats en Aeltje Pieters Brouwer (mede getuige Geertje Kornelis Plemper).

NOTARISAKTE (A.v.d. Meer), Mijdrecht, 8 mei 1695, nr. 786:
Conditien waer van Claes Jansz van de Boterdijck onder Uijthoorn bekent vercocht, ende Arie Pietersz Brouwer, wonende mede aldaer gecocht te hebben een Campje hoij off weijland gelegen onder den gerechte van Uijthoorn groot omtrent 500 roeden, belent ten oosten en suijden des kopers, westen Arie Dircksx Man, en noorden de watering, partijen bekent, voor de somma van f 70.-

NOTARISAKTE (A.v.d. Meer), Mijdrecht, 6 mei 1700, nr. 1146:
Maakgescheid tussen Ariaentje Claes van Velsen, weduwe en boedelharster van Arien Dircksz Man, wonende aan de Boterdijk onder Uithoorn, geassisteerd door haar broers Jan en Aert ter eenre, en Claes Jansz Man en Arien Pietersz Brouwer als momboirs en voogden over Aeltjen Ariens Man, oud omtrent 15 en een half jaar, Jan Ariensz Man, oud ruim 6 jaren en Neeltje Ariens Man, oud omtrent 1 jaar, te samen kinderen en erfgenamen van Arien Dircksz Man, hun vader zaliger, ter andere zijde.
[OPMERKING: Claes Jansz Man en Arie Pietersz Brouwer zijn zwagers van Ariaentje Claes van Velsen] !



Mooie regelmatige handtekening van Arie Pietersz Brouwer, Mijdrecht, 6 mei 1700.

NOTARISAKTE (A.v.d. Meer), Mijdrecht, 13 januari 1706, nr. 1582:
Claasz Jansz Man, Arij Pietersz Brouwer en Jan Claasen van Velsen, als voogden over de kinderen van Ariaantje Klaas van Velsen, stellen een huurcedulle op met Dammis Cornelissen Brouwer.

OPMERKINGEN:
Arie's vrouw Neeltje Dirks Man is zonder kinderen natelaten overleden, want op 10 mei 1712 blijkt haar zuster Marritje Dirks Man de enige erfgenaam van haar oom Arij Jansz Man te zijn.
Arij wordt op 3 april 1714 vermeld als voogd en momboir over Jan Ariesen Man, de zoon van zijn vrouw's broer Arie Dirks Man.
Op 11 augustus 1715 kopen Arie Brouwer en Willem Kobus een huis met een stuk weiland van Jannitje Jans Borst voor de somma van f 200.-, gelegen in de Beswaerde Kerf onder Thamen.

NOTARISAKTE (G.van Ette), Mijdrecht, 11 april 1721:
Arie Pietersz Brouwer, woonende aende Botterdijk onder Uijthoorn, zijnde hij comparant sieckelijck, agt nemende hij comparant op de vooghdije van sijn na te late kind off kinderen met name Marretje en Jan Aris Brouwer, verklaarde de selve met uijtsluijtingh van alle weesmeesteren off geregten, etc. te benoemen tot voogden Claas Jans Man en Claas Jacobs van Veen.
Hen wordt opgedragen de nalatenschap aan de erfgenamen uit te keren wanneer deze 25 jaar oud zijn, of eerder bij huwelijk.

NOTARISAKTE (G.van Ette), Mijdrecht, 22 november 1721:
Inventaris van den boedel en goederen soo als deselve bij Arie Pieters Brouwer in sijn leven weduwenaar en boedelhouder van Grietje Jans Cock sijn beseten en bij hem in Junij deses jaars 1721 mette dood ontruijmd en nagelaten gemaackt bij mij Gerard van Ette notaris des Hofs van Utrecht residerende te Meijdrecht in presentie vande naegenoemde getuijgen ten versoeke van Claas Janse Man en Claes van Veen als gestelde voogden vande voornoemde Arie Pieters Brouwer of sijne naetelate kinderen bij de voornoemde Grietje Jans Cock verweckt ende ten opgeeven van Marretje Aris Brouwer naegelaten dogter van de voornoemde Arie Pieters Brouwer, huijden deesen 22e November 1721 als, Eerstelijck een huijs, erff, berg en schuur staende ende leggende aende Botterdijck onder den geregte van den Uijthoorn belent ten zuijden Claas Verbent en noorden Leentje Barten.
Item omtrent 27 mergen 94 roeden soo hoij als weijland leggende in Steenwijck aan de Botterdijck onder den Uijthoorn belent ten zuijden Claes de Boer, westen 't Jaagpad, noorden Leentje Barten en oosten de Botterdijck.
Item omtrent een mergen landts leggende onder Aalsmeer, belent ten zuijden Willem Jacobse, westen d'Erffgenamen van Jacob Jacobse, noorden Pieter Lijsje en Oosten dijck.
Nog omtrent 2 mergen land gelegen bij de stad en onder Jurisdictie van Haerlem en Haarlemmerlieden, strekkende van Spare tot de Somerwegh.
Item nog 5 turf ackertjes grood omtrent 400 roeden leggende inde Vrije Noordveen belent ten zuijden, oosten en westen de weduwe Hendrik Schipper en Cornelis Dirks Swanenburgh.
Een obligatie groot in Capitaal vijff hondert guldens: spreeckende ten laste van Claas Smit ofte deselffs ....... te Thamen lopende tegen drie guldens ten hondert int jaar, zijnde vand' 1 Meij 1707.
Nog een obligatie groot in Capitael 600 guldens spreeckende ter laste van 't gemene Land staende ten Comptoire der Stad Lijden op den naam van de kinderen van Cornelis Leendertse jegens 4% certo sijnde vand' 31 maart 1699.
[Voorts:] 19 melck koeije, 4 melck vaerse, 2 guijsde vaerssen, 1 guijsde koe, 1 stier, 6 pincke, 11 kalveren, 7 swijne, item nog omtrent 40 koe hooij, 72 stucks kasen, 2 vierendeels boter, item nog in verschijde Specien inde Boedel in contanten bevonden f 2,339:10:8,
Item nog 59 onbekende goude stucken geld wegende omtrent 3 vierendeels, Nog omtrent 50 onbekende stucken silvergeld wegende omtrent 14 en 1/2 lood.
Ongemunt goud en silver: Vier gouden ringen, een silvere tuijg, een silvere hefdmesje, een silvere vorck, een hefd van een mes.
Linne en wolle: 16 Tafellakens, 25 servette, 9 lakens, 18 hensdoecke, 17 soo mans als vrouwe hemde, 35 soo kusse als Peulue slopen, 3 Nagtmantels, 1 Luiermand met sijn toebehoren, 3 heele Nieuwe linne webbens, 9 dito stucke Nieuw linne, 4 bedde, 15 bedde kussens, vijf peuluws, dertien deeckens.
Koper en tin: 37 Nieuwe tinne lepels, 6 dito bekers, een nieuwe dito beker, een dito boter pot, 6 dito schotels, 2 kopere bes. Panne, 9 kopere ketels, 3 metale Potte.
[Voorts:] 1 klock, een ijsere kr..a, 2 schale en gewigt. Eijndelijck nog eenige potte, pannen en andere klijnigheden, mitsgaders alle de gereedschappen tot de Bouwerije behorende vermits sulx de voogden is bekend, werd alhier om corthijtshalve overgeslagen.
Aldus geinventariseerd ten daage en jare als boven en heeft de voorn: Marretje Aris Brouwer verklaart desen Inventaris en opgeving te weesen deugdelijck en opreght sonder haars weetens daar van iets affgehouden off ter Quades trouwe verswegen te hebben, directelijck nog indirectelijck, belovende met te min soo wanneer haar nae deese iets openbaar werd, 't zij tot voor off nadeel van deesen Boedel t'allen tijde daar meede deesen inventaris te sullen complementeren en desnoots met Eede te sullen certificeeren, dat aldus assieerde ten sterfhuijse van voornoemde Arie Pietersz Brouwer, staende aende Botterdijck onder den geregte van den Uijthoorn ter presentie van Jan Pietersz Cock en Jan Aris Man als getuijgen hiertoe versogt. [was getekend:] Claes Janz Man, Claas van Veen, Marritje Aris Brouwer, Jan Ariese Man en Jan Pieterse Kok.
[letterlijke weergave der oorspronkelijke akte]



Fragment van de inventaris van de nagelaten boedel van Arij Pietersz Brouwer,
22 november 1721.

NOTARISAKTE (G.van Ette), Mijdrecht, 10 juni 1723:
Compareerde voor mij Gerard van Ette, Nots: s'Hoffs van Utrecht Resideerende te Mijdrecht in Presentie van de nae genoemde geuijgen Gerbrand Teunis Deecken en Marritje Aris Brouwer, Echteld: naegelaten dogter van Arie Pieters Brouwer, wonende aande Hondebuurt onder den Uijthoorn ter Eenre en Claas Janse Man en Claas van Veen als voogden over Jan Aris Brouwer, minderjarige naegelaten soon van voorn: Arie Pieters Brouwer volgend de acte daarvan op den 11e april 1721 voor mij nots: en seeckere getuijgen gepasseert ter andere sijde, ons nots: en getuijgen bekend.
Te kennen gevende sij comparanten met elkanderen te hebben naegesien en geexamineert de staat en gelegenthijt des naegelaten boedels vande voorn: Arie Pieters Brouwer en daar uijt nae rijp overleg overwogen te hebben waarmede elck sijn Erffportie souden kommen worden voldaen, so verklaarden sij comparanten nae alvorens den Huijsraet en Inboedel soo van kisten, kasten, linne, wolle, koper en tin, ongemunt goudt en silver, als andersints als meed: Haeff en vee en alle t' geene tot de bouwerije was behorende onder elkanderen te hebben verdeelt en sij, tweede comparanten hare portie als meede t' geen van deselve goederen nog int gemeen was publiq hadden doen verkopen en daar van elck zijn geregtelijcke portie te hebben getrocken, omtrent de verdere goederen met den anderen in alle min en vriendtschap te sijn geschift, geschijden en verdeelt in maniere als volgt:
Eerstelijck is aende eerste comparante in voldoening van haar erffportie aanbedeelt een obligatie groot in capitaal vier hondert guldens, spreeckende ten laste van Claas Smith offte desselfs erffgenamen te Thamen, loopende tegens drie guldens ten hondert int jaar sinde van dato 1 Meij 1707.
Item voor haare geregte portie van de Contanten in den boedel bevonde f 1,169:15:0.
Eijndelijck nog tot gelijckstelling van de obligatie van f 640.- de tweede comparant aanbedeelt, een somma van f 110.- welcke voorz: somma sij Eerste comparante bij onderteeckeninge deeses bekenden ontfangen te hebben.
Waar tegens de voogden voor haar minderjarige is aanbedeelt:
Eerstelijck een obligatie groot in capitaal ses hondert en veertig guldens, spreeckende ten laste van 't gemeene land staande ten Comptoire der stadt Lijden op de naam vande kinderen van Cornelis Leenderts jegens 4% sijnde van dato 31 maart 1699 no. 6 fol: 88, numm.
3025, Reg. fol: 329.
Nog voor haare portie inde Contante Penningen een somma van f 1,059:15:12, sijnde hier affgetrocke den somma van f 110.- dewelcke de 2e Comparenten door de bovenstaande obligatie meerder als haar portie was aanbedeelt en sij aande 1e comparante hadden uijtgekeert.
Eijndelijck nog een somma van f 148.- tot voldoening van hare portie in den huijsraad en inboedel dewelcke onverkoght was gebleven en door de eerste comparante ter verz: is opgenomen.
Welcke voors: schiffting, schijding en deling nae dat sij comparanten deselve van Post tot Post een en meermalen hadden naegesien en geexaminereert, sij comparanten verklaarden te Landeeren en approbeeren en daarmeede volkomen genoegen en contement te nemen sonder dat den een tot laste van den anderen eenige actie off pretentie direct of indirect meer Reserveert off openhoud off dat eenige goederen onverdeelt sijn gebleven, als een huijs, erff, berg en schuur met omtrent seven en twintig mergen 94 roeden soo hooij als weijland leggende in Steenwijck aande Botterdijck onder den Uijthoorn, belent ten suijden Claas Verbent, westen 't Jaagpad, noorden Leentje Barten en oosten den Boterdijck.
Item omtrent een mergen landt leggende onder Aelsmeer belent ten suijden Wilm Jacobse, westen de erffgenaemen van Jacob Jacobse, noorden Pieter Lijsje en oosten den dijck.
Nog omtrent twee mergen land gelegen bij de stad en onder de Jurisdictie van Haarlem en Haarlemmerliede, streckende van Spare tot de Somerwegh.
Item nog vijff turff ackertjes groot omtrent vier hondert Roeden leggende in de Vrije Noorderveen, belent ten suijden, Noorden en oosten de weduwe Hendrick Schipper en Cornelis Dirck Swanenburgh, in welcke goederen ider van hun comparanten sijne portie reserveert.
Bekende wijders ider de beschijden tot hun aanbedeelde behorende voor soo verre die in den boedel bevonden sijn geweest nae sig genomen te hebben, quiterende den een den anderen van alles belovende daar op den een den anderens aanbedeelde rustig en vredig te sullen laeten possideeren en gebruijcken en voor alle namaning costen schadeloos ten allen tijde op ende jegens een jegelijck 't sij in en buijten regten te sullen bevrijden ten dien eijnde voor bedagtelijck renuncieerende van herschijding en Relieff en alle middelen deesen, off den .....hoven derselven contrerieerende.
Eijndelijck verklaarden sij eerste comparanten door het passeeren der voorn: schijding van al het geen 't haar van den voorn: haren vader Arie Pieters Brouwer was competeerende door den voorn: voogden ten vollen voldaan te sijn, derhalven deselve ten vollen Quiteerende bij deesen haar bedanckende voor haar gedane bewind en administratie, belovende de selve en haar nakomelingen ter sake voors: voor alle naamaninge op ende jegens een igelijck t'sij in en buijten Regten ten allen tijde cost en schadeloos te sullen bevrijden.
Tot naarcominge vant' geene verstaat verbinden sij comparenten hare Personen en goederen, so hebbende als gekrijgende, deselve subjecteerende alle Regters ende geregten en speciael den Ed: Hove van Utrecht.
Aldus gedaen en gepasseert ten huijse van den laasten comparant staande aanden Amstel onder Mijdrecht, ter presentie van Cornelis Philips de Jong en Cornelis Jacobs de Jong als getuijgen hier over versogt.
[w.g.:] Gerrebrant Teunisz Deken, Marritje Aris Brouwer, Claes Jansz Man, Claes van Veen, Cornelis Philipus de Jong en Cornelis Jacobs de Jong.
[letterlijke weergave der oorspronkelijke akte]

NOTARISAKTE (G.van Ette), Mijdrecht, 30 juli 1741:
Compareerde Jan Brouwer, meerderjarigh Jonghman, wonende aan de Amstel, ende verklaarde dat Claes Jansz Man en Claas van Veen als gestelde voogden van sijn vader Ari Pieterz Brouwer aan hem Compt: van haar gedane administratie hadde gedaan behoorlijcke ...... en Verantwoording, etc.

NOTARISAKTE (H.van Voorst), Thamen 29, maart 1748, Fol: 165:
Op Heede den 29e Maart 1748 compareerde voor mij Hendrik van Voorst, Nots: 's Hoove van Utrecht, resideren te Thamen aan den Amstel ter presentie van de nabeschreven Getuijgen Gerbrand Deecken, Weduwnaar en boedelhouder van Marietje Arisz: Brouwer (bij welke den zelven levende en blijkende geboorten is hebbende) wonende aan de Boterdijk onder den Edelen geregte van den Uijthoorn ter Eenre, en Jan Arisz: Brouwer wonende aan den Amstel onder Mijdregt ter andere zijde (mij Notaris bekend) tezamen Erfgenamen ab intestato van Arie Pietersz Brouwer, te kennen gevende zij Comparanten dat bij scheijding en deijling der goederen welke den voornoemde Arie Pietersz Brouwer met de Dood heeft ontruijmd en naargelaten bij de gemelde Erfgenamen nog onverdeeld zijn gebleven de navolgende vaste en onroerende goederen, bestaande: Eerstelijken een Huijs, Erf, Berg en twee schuuren benevens seven en Twintig mergen vier en 't Negentigs Roeden zoo weij als Hoijland, staande en leggende agter en Naast den ander in de polder van Steenwijk onder den Edelen geregte van den Uijthoorn tegenwoordig bij den Eersten comparants bewoond en gebruijkt wordende.
Item nog vierhonderdvijfenveertig Roeden zo Accers als Water gelegd in de polder genaamd de Noordveen onder den Edelen geregte van Amstelveen.
Item nog eenige stukjes land leggende in des Bannes van Aalsmeer dat bij dezen onverdeeld en in het gemeen zal blijven.
Ende alzo het de Comparanten niet onconvenieerd de gemelde Goederen (buijten 't gene voors: onder Aalsmeer is leggende) langer in het gemeen te houden, zoo verklaarden de comparanten met den anderen in alle min en vriendschap dezelve te hebben geschift en gescheijden en verdeel in maniere als hier navolgd.
Eerstelijk dat de Eerste comparant voor zijn aandeel zal hebben en in eijgendom possideren het voorz: huijs en Erf, berg en schuuren met al het gene daar op en aan Hard en Nagelvast is, benevens Twee en Twintig mergen Vier en 't Negentig Roeden zo weij als Hoijland en Accers staande en leggende als voors: onder den Edelen Geregte van den Uijthoorn, belend ten Oosten Kornelis Verbent cums., ten Westen Vreek Tijsz Cruijs offte de gene die met Regt daar naast geland en gelegen zijn, ten Zuijden de gemene weg en Noorden de Zijdelmeer.
Item is den Eersten Comparant nog voor zijn portie aangedeelt vierhondert vijf en veertig Roeden zo Accer als Water leggende in de polder genaamd de Noordveen onder Amstelveen voornoemd.
Waar en tegen de Tweede Comparant voor zijn portie en aandeel zal hebben zekere drie kampen zo Hoij als weijland groot tezamen vijf mergen leggende als vooren in de polder van Steenwijk, belent ten Oosten Cornelis Verbent cums., ten westen den Eersten Comparant, ten Zuijden den Gemene Weg en Noorden den Eersten Comparant.
Item zal den Eersten Comparant aan den Tweeden Comparant volgens gemaakte Accoord en Egalisatie deser Scheijdinge nog moeten Uijtkeren een somma van Seshonderd Guldens, die de Tweede Comparant ook bekend uijt handen van den Eersten Comparant ontfangen te hebben en daar van voldaan te zijn, hem daarvan quiterende bij dezen.
Met welke voorenstaande Schiftingen en Scheijdingen en Verdeijlingen de Comparanten verklaarden te vrede te zijn zonder dat den Een op des anders aan bedeeld ietwes meer te Reserveren hebben, belovende over zulx dezen aangaande geen anderen, van deze offte doen Eijsschen directelijk offte indirectelijk in regts off daarbuijten nemaar haar Elx met het geen voorsz: staat te houden voor gecontenteerd.
Renunciderende ten dien Eijnde van Herscheijdinge en Relief, Blijvende midlerwijl de stukjes land onder Aalsmeer tussen de Comparanten nog Gemeen en Onverdeeld.
Tot naarkominge van het geene voorz: staat verbindes de Comparanten wedersijds hare persons en Goederen dezelve subjecterende alle Heers Hoven regters en geregts en Speciaal des Edelen Hove van Utrecht.
Aldus gedaan is gepasseert aan den Amstel onder Mijdregt, ter presentie van Jacob de Jong en Jan de Hoop als getuigen hier toe versogt.
[getekend:] Gorrebrant Deken, Jan Brouwer, Jacob de Jong, Jan de hoop, en H. van Voorst, notaris.
[letterlijke weergave der oorspronkelijke akte]

KINDEREN VAN ARIE BROUWER EN GRIETJE COCK:
  1. Marietje Brouwer, zie nr. VI-a.
    Geboren onder Uithoorn aan de Boterdijk in 1698, Doopsgezind, doet op 30 maart 1736 in de Geref. kerk van Kudelstaart afstand van de Doopsgezinde religie en wordt belijdend lid van de Geref. Kerk, overleden in Uithoorn tussen 1737 en 1748.
    Gehuwd te Kudelstaart in de Geref. kerk op 17 januari 1723 met Gerrebrand Deken, gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 26 december 1692, van beroep boer aan de Boterdijk in Uithoorn, Schepen van Uithoorn in 1736/37, overleden te Uithoorn op 3 juli 1750, oud 57 jaar, zoon van Teunis Gerbrands Deeken en Annetje Pieters Brack.
  2. Jan Brouwer, zie nr. VI-b.
    Geboren onder Uithoorn aan de Boterdijk in 1716, gedoopt te Mijdrecht in de Doopsgezinde kerk in oktober 1767 door Pieter van Dam, van beroep landbouwer in de Mennonietenbuurt aan de oostzijde van de Amstel, overleden te Mijdrecht op 28 maart 1789, oud 73 jaar.
    Gehuwd (1) te Mijdrecht in januari 1742 met Aegje Pieterse Mandere, geboren te Mijdrecht ca. 1695, Doopsgezind, overleden in de Mebbonietenbuurt onder Mijdrecht tussen 1749 en 1764, eerder weduwe van Willem Jansz Bregt.
    Gehuwd (2) te Mijdrecht in augustus 1764 (in ieder geval voor 11 september 1764) met Geertje Martens Goedhart.
V-b.
Aaltje Pieters BROUWER,
Dochter van Pieter Ariensz Brouwer en Marritje Leenderts van Wijngaarden [nr. IV-c], geboren te Mijdrecht in de Mennonietenbuurt ca. 1660, Doopsgezind, op 10 april 1689 vermeld als Geref. lidmaat te Nieuwkoop, overleden na 19 januari 1710.
Gehuwd voor 1685 met Pieter Jacobsz KATS, gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 22 april 1657, vermeld als Geref. lidmaat in Nieuwkoop op 7 juli 1697, overleden voor 26 augustus 1707, zoon van Jacob Claasz Kats en Neeltje Cornelisdr.

DOOPREGISTER, Nieuwkoop, Geref. kerk, 22 april 1657:
Pieter, zoon van Jacob Claasz Kats en Neeltje Cornelisdr.
Getuigen Jacob Jacobsz, Gijsbert Kornelisz en Maritije Klaas.
[bron: www.den-uijl.nl/genealogy.]

NOTARISAKTE (Marten de With), Uithoorn, dd 27 juli 1681:
Boedelscheiding: Na het overlijden van Marritje Leenderts [Van Wijngaarden] vindt de boedelscheiding plaats tussen enerzijds Jan Ghijsbertsz Schrieck, weduwnaar en boedelhouder en anderzijds Arij Pietersz Brouwer, meerderjarige zoon van Marritje en Aeltje Pieters Brouwer, haar minderjarige dochter, vertegenwoordigd door haar oom Cornelis Leendertsz van Wijngaarden. Arij en Aeltje besluiten van de erfenis af te zien, wanneer blijkt dat de lasten en baten ongeveer gelijk zijn.

OPMERKING:
Uit het feit dat Aaltje haar enige dochter de naam Niesie gaf, zou men kunnen opmaken dat Aaltje een dochter was van Pieter's eerste vrouw Niesie Arians.
Echter uit een notarisakte bij gelegenheid van Marietje van Wijngaarden's dood blijkt duidelijk dat Aaltje op dat moment een minderjarige dochter van Marietje was.

BELIJDENIS, Nieuwkoop, Geref. kerk, 1689:
Zijn na gedane belijdenis van haer geloof aengenomen:
Aeltje Pieters Brouwer e.a.

DOOPGETUIGE (Aeltje):
In Nieuwkoop, Geref. kerk op 2 augustus 1693 van Neeltje, dochter van Jan Jacobse Kats en Geertje Jacobs van der Does.
In Nieuwkoop, Geref. kerk op 7 november 1694 van Johannes, onecht kindt van Grietje Eghtberts van Pijlen.
In Nieuwkoop, Geref. kerk op 30 oktober 1701 van Jacob, zoon van Jan van Wijngaerden en Krijntje Jans van Veen.
In Nieuwkoop, Geref. kerk op 19 januari 1710 van Annigje Aris den Doolen.

DOOPGETUIGE (Pieter):
In Nieuwkoop, Geref. kerk op 13 januari 1686 van Kornelis, zoon van Teuwis Gijsbertse van Voorne (gestorven) en Aefje Kornelis.
In Nieuwkoop, Geref. kerk op 2 augustus 1693 van Neeltje, dochter van Jan Jacobse Kats en Geertje Jacobs van der Does.

RECHTERLIJK ARCHIEF (TESTAMENT), Nieuwkoop, 26 augustus 1707:
Claes Jacobs Cats en Sijtgen Jans Sas, egteluijden woonende inde Brant Schouwerijs [?] alhier, stellen een zogenaamd "langstlevende" testament op.
Legaten worden vermaakt aan Aeltje Pieters Baseboom, de moeder van de comparante, en aan Cornelis Jacobs Cats, Jan Jacobs Cats en aan de kinderen van Pieter Jacobs Cats, de broers en broer's kinderen van de comparant, en aan de Armen Diaconij der Geref.Kerk te Nieuwkoop.
Tot voogd over de minderjarige kinderen worden benoemd Cornelis Jacobs Cats en Arij Cornelis van Wieringen.

KINDEREN:
  1. Niesje Pieters Kats,
    Geboren te Noorden, gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 2 januari 1684, overleden voor 6 april 1687.

    DOOPBOEK, Nieuwkoop, Geref. kerk, 2 januari 1684:
    Pr. Jacobs Kats, Aeltje Ptrs.
    het kint Niesjen.
    getuijgen Arien Prs, Geertjen Cornelis.
    Noorden.
  2. Jacob Pietersz Kats,
    Gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 10 december 1684, overleden aldaar voor 26 september 1695.

    DOOPBOEK, Nieuwkoop, Geref. kerk, 10 december 1684:
    Het kindt van Pieter Jacobs Kats en Aaltje Pieters Brouwer sijn H:V: met name Jacob, de getuigen waren kornelis Jacobsen Kats en Burchtje Arents van der Schonck.
  3. Niesje Pieters Kats,
    Gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 6 april 1687, overleden aldaar voor 16 oktober 1689.

    DOOPBOEK, Nieuwkoop, Geref. kerk, 6 april 1687:
    Het kindt van Pieter Jacobsz Kats en Aeltje Pieters Brouwer sijn h:v: met name Niesje.
    Getuigen Arij Pietersz Brouwer en Geertje kornelis Plemper.
  4. Niesje Pieters Kats,
    Gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 16 oktober 1689.

    DOOPBOEK, Nieuwkoop, Geref. kerk, 16 oktober 1689:
    't Kindt van Pieter Jacobsz Kats en Aeltje Pieters Brouwer sijn H:V: met name Niesje, getuigen Aechje klaes van Leijden en geertje kornelis plemper.
  5. Willem Pietersz Kats,
    Gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 20 april 1692.

    DOOPBOEK, Nieuwkoop, Geref. kerk, 20 april 1692:
    't kind van Pieter Jacobsz Kats en Aeltje Pieters Brouwer, sijn H:V: met name Willem.
    Getuigen Jan Jacobsz Kats en Grietje Ariens van der Does.
  6. Jacob Pietersz Kats,
    Gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 25 september 1695.

    DOOPBOEK, Nieuwkoop, Geref. kerk, 25 september 1695:
    't Kindt van Pieter Klaesz (?) Kats en Aeltje Pieters Brouwer sijn H:V: met name Jacob, getuigen Kornelis Jacobsz Kats en Burghje Ariens van der Schonk.
  7. Pieter Pietersz Kats,
    Gedoopt te Nieuwkoop in de Geref. kerk op 8 december 1697.

    DOOPBOEK, Nieuwkoop, Geref. kerk, 8 december 1697:
    't kind van Pieter Jacobsz Kats en Aeltje pieters brouwer sijn H:V: met name Pieter, de getuigen Cornelis Jacobsz Kats en Grietje Aris Dous.

    OPMERKING:
    Is dit de Pieter Pietersz Kats die met Antje Vinkhuijzen trouwde ?


[Laatst gewijzigd op 23 april 2014]
VIERDE GENERATIE ZESDE GENERATIE